Een bezoek aan de kleinste stad van Engeland: Wells

Wells, Engeland

“Kleine tip, neem Wells en Cheddar mee in je rondreis door Engeland”, zo vertrouwde Wilbert me toe. Hij en zijn vrouw vertrokken een week eerder naar Engeland en legden haast dezelfde route als ik af. De foto’s en verhalen hadden me al nieuwsgierig gemaakt en ik was reuze benieuwd naar Wells. “Naar watte?”, hoor ik enkele mensen hardop afvragen. Wells, de kleinste en wellicht een van de mooiste steden in Engeland.

Na het Bed & Breakfast en Salisbury verlaten te hebben, toog ik naar Cheddar. Het is de plaats waar de welbekende Cheddar Cheese vandaan komt. Minder bekend zijn de vele prehistorische grotten rondom Cheddar, waar The Cheddar Man een kleine 9200 jaar geleden begraven werd. The Cheddar Man is het oudste volledig intact gevonden skelet in het Verenigd Koninkrijk. Terwijl ik richting Cheddar reed, had ik eigenlijk geen benul van de verrassing die me te wachten stond. Als je Cheddar namelijk benadert, kun je onder andere via The Cheddar Gorge rijden. The Gorge is een woest stuk landschap, wat zo decor kan zijn in een film zoals Lord of The Rings. De ruige en steile rotsen zijn imposant en intimiderend en iedere bocht geeft je weer een verrassend uitzicht. Je raadt het al… Dat was exact wat ik dus had, toen ik Cheddar benaderde. Normaal is de Gorge vergeven van de toeristen, maar wellicht door het druilerige weer had ik geluk. Een verdwaalde geit, enkele toeristen en enkele waaghalzen die ze steile rotsen beklommen, verstoorden af en toe het uitzicht. Over Cheddar kan ik heel kort zijn: Het dorpje trok me helemaal niet. Ik kon er nergens mijn auto kwijt, het voelde te commercieel aan en ik had liever wat anders om te zien.

Wooky Hole Caves

Dus besloot ik rechtsomkeer te maken en de Wooky Hole Caves te bezoeken, een grottencomplex dat ruwweg tussen Cheddar en Wells ligt. Ondanks het zeer commerciële smaakje er rondom heen (er is een familiepretparkje rondom heen gebouwd), zijn de grotten meer dan de moeite waar om te bezoeken. Als is het maar om de grappige gids mee te mogen maken, die je als een zeer goede Jack Sparrow look-a-like door de verschillende kamers van het grottencomplex leidt en je op een leuke en humoristische wijze de geschiedenis van de grotten vertelt.
De grotten zijn namelijk bekend van de legende van de Wooky Hole Witch. Zoals iedere legende, was er eens… Een man van Glastonbury, die verloofd was met een mooie vrouw uit Wooky. De mooie vrouw was blijkbaar zo oogverblindend, dat een andere jaloerse vrouw het huwelijk vervloekte en ervoor zorgde dat het jonge paar niet trouwde. In de jaren daarop gebeurden er veel bizarre en negatieve dingen in Wooky, die allemaal aan de jaloerse vrouw werden toegeschreven. Diezelfde vrouw had zich teruggetrokken in de grotten, die in de middeleeuwen als duivels werden gezien, en zo was The Wooky Hole Witch geboren.
De dorpelingen van Wooky waren alle negatieve dingen zo zat, dat ze na enkele decennia een monnik uit Glastonbury over lieten komen, die een expert was in het verdrijven van heksen. Het lot wilde dat de monnik de man van het mislukte huwelijk was en nog een appeltje met de heks te schillen had. De monnik betreedt de grotten en, voorzien van zijn Latijnse Bijbelspreuken en andere anti-heksen-dingen, weet de heks in een waar episch gevecht te verslaan. Hij weet de heks in het nauw te drijven, gooit heilig water over haar heen en de heks wordt een steen. Diezelfde steen staan nog steeds in de eerste kamer van het complex. Bedenk dit verhaal, en bedenk dat Jack Sparrow van Pirates of the Caribbean dit vol enthousiasme vertelt. Je kan je voorstellen dat het een hilarische rondleiding door de grotten was, die ik iedereen kan aanbevelen.

Na The Wookky Hole stond een onbekend plaatsje op het programma: Het dorpje Wells, wat achteraf een plaats met heuse stadsrechten bleek te zijn. Wells telt een kleine 10.000 zielen en doet dus niet onder voor een gemiddeld groot dorp in Nederland. Toch heeft het de historische allure van een grote stad. Wells bezit een prachtige en imposante kathedraal, heeft de oudste bewoonde straat in Europa, enkele leuke winkelstraten, een middeleeuwse vibe en enkele tuinen waar je mond van openvalt. Welkom in de kleinste stad (na London City) in Engeland.

Wells: Een schattige stad

De geschiedenis van het stadje gaat terug naar het Romeinse tijdperk, toen de mannen en vrouwen van het Italiaans schiereiland een kleine vesting stichtten op de plek van Wells. De plek werd echter belangrijker onder de Saksen en rond 900 vestigde een bisschop zich in de abdij van Wells. De abdij, de strategische ligging langs handelswegen en de aanwezigheid van de bronnen zorgden ervoor dat Wells gestaag groeide. Rond 1160 verhuisde de toenmalige bisschop naar Bath, wat tot verhitte discussies leidde tot de monniken in Wells en in Bath. Uiteindelijk besloot men de bisschopszetel in het kleinere Wells te behouden en Wells kreeg stadsrechten. Bath heeft officieel nooit stadsrechten gekregen, en de hedendaagse mensen uit Wells gaan er prat op dat Wells een echte stad is en het grotere Bath slechts een dorp. Leuk, al die rivaliteit!
De bisschopszetel zorgde ervoor dat de abdij zich flink uitbreidde, dat er een prachtige kathedraal werd gebouwd en dat er stadsmuren rondom het stadje werden gebouwd. Het stadje was zijn tijd ook ver vooruit; De bewoners hadden in de middeleeuwen een heus rioleringsstelsel en men had de beschikking over stromend (drink)water. Vooral de kathedraal is een prachtig plaatje en het wordt door Engelse mensen als de meest poëtische kathedraal van Engeland genoemd. De kathedraal is ruim en Gotisch opgezet, er valt heel veel licht naar binnen en bevat enkele zeer mooie beelden. Zelfs een astronomische klok in de kathedraal mag niet ontbreken. De kathedraal was ook een politiek centrum, waar volksvertegenwoordigers van allerlei dorpen en wijken langskwamen om in het Chapter House over politiek te praten.

Dus terwijl ik door Wells liep, was het haast onmogelijk om niet bij de kathedraal te beginnen. Ik besloot eerst de tuinen rondom de kathedraal te bezoeken, die onder andere de funderingen van de eerste kerk van Wells bevatten. Als je van tuin-flora-en-fauna houdt, dan zijn de kathedraal-tuinen ook de moeite waard. Nadien toch maar een kijkje in de kathedraal genomen, en zoals je hierboven hebt kunnen lezen, is het een prachtig bouwwerk, waar de middeleeuwse meesterbouwers een mooie prestatie hebben geleverd. Naast de kathedraal en zijn astronomische klok, zijn The Chapter House en de Cathedral Library de moeite waard om even rond te kijken. En als je eenmaal klaar bent, vergeet dan niet Vicar’s Close te bezoeken.
Het straatje, dat achter de kathedraal ligt, is schattig en zou zo het decor kunnen zijn van een Harry Potter film. Je komt de straat via een middeleeuwse doorgang binnen en je snuift al gelijk de middeleeuwen op. De straat bevat alleen kinderkopjes, de huizen zijn van middeleeuws rode stenen gemaakt, er is geen gemotoriseerd verkeer mogelijk en je ruikt de kruiden die in de kleine tuintje voor de huizen groeien. De huizen zelf kunnen zo uit een gemiddeld Nederlands begijnhof gepikt zijn en de markante schoorstenen die ieder huis heeft, maken het plaatje helemaal compleet. Tel daarbij op dat de nabij gelegen school net uit was en de kinderen in traditioneel Engels schoolkostuum, maakten het nostalgisch plaatje al helemaal compleet.
Je zou je haast afvragen of het nog mooier kan. Het antwoord is ja. Aan de andere kant van de kathedraal liggen namelijk de tuinen van The Bishop’s Palace of Wells. Het zijn prachtig onderhouden tuinen, die langs een gedeelte van de verdedigingswerken en rondom de kathedraal zijn aangelegd. Zeker de moeite waar om te bezoeken. Ik moet zeggen dat Wells een prachtige indruk op me heeft achtergelaten en dat ik blij ben dat Wilbert me op het plaatsje heeft gewezen. Na 5 uur Wells vond ik het echter wel welletjes (flauw woordgrapje) en besloot ik bij Café Nero eens lekker te gaan genieten van een welverdiende bak cappuccino. Aangezien de avond al aan het invallen was en ik nog moest inchecken in het hotel in Shepton Mallet, pakte ik mijn auto en reed ik in de avondschemering naar het dorpje dat groot is geworden door de agrarische cultuur en het katoen.

In Shepton Mallet had ik voor drie nachten een hotel geboekt dat naar de illustere naam The Dust Hole luisterde. Behalve het feit dat het etablissement uit de middeleeuwen stamt, wist ik er niets van en liet me graag verrassen. Een leuke verrassing werd het! Beneden was een levendige pub, boven de kamers die uit 1500 leken te stammen en een sfeertje wat erg prettig is. Onder het genot van een heerlijke curry maaltijd liet ik de dag nogmaals passeren en even later lag ik in mijn bed de plannen voor de volgende dag te maken. Het magische Glastonbury en een terugkeer naar Wells staan dan op het programma. Terwijl beneden de pints rijkelijk vloeide, viel ik tevreden en met leuke indrukken in slaap.

Copyright 2003 - 2018 by Martijn Mureau, all rights reserved. For use of this website, please refer to the pro-claimer